Varkensvlees uit de scharrelwei

DSC_0013

Om in hun jaarlijkse behoefte aan varkensvlees- en vleeswaren te voldoen, hebben de 200 Herenboeren elk jaar gemiddeld 20 varkens nodig. Biggen worden nu nog aangekocht. De varkens leven op de boerderij tot het moment dat ze slachtrijp zijn.

De dieren zitten niet in een ‘traditionele’ stal maar lopen het hele jaar zoveel mogelijk buiten. Om ze de nodige beschutting tegen het weer of rust te bieden, is er natuurlijk wel onderdak. Op en Herenboerderij kunnen dat half ingegraven holen of hutten zijn. Inmiddels wordt geëxperimenteerd met mobielen verblijven zodat de dieren makkelijk elders op de boerderij kunnen grazen en wroeten.

Zelfvoorzienend
Eten doen de varkens zoveel mogelijk van eigen grond. Een deel ervan bestaat uit oogstresten, de rest scharrelen de dieren zelf bij elkaar of koopt de boer aan. Op de akkerbouwpercelen, staan maïs en zonnebloemen. Na de oogst worden deze gewassen opgeslagen en later aan de dieren gevoerd.
Feitelijk is de hele boerderij eetbaar, en dus willen we de dieren ook op akkers inzetten (groenbemesters, aardappelen). Verder biedt de fruitboomgaard hen valfruit. Ook kunnen varkens terecht bij de vruchtdragende inheemse bomen zoals hazelaar, kastanje en eik. Elk najaar ligt er dan weer een verse lading noten, kastanjes en eikels op ze te wachten.

Rundvlees van buiten